Principes

Manier van werken

CIMG0132
Met Foundations for Farming zoeken we Gods plan om trouw en liefdevol om te gaan met wat Hij geeft. Voor een arme, kleinschalige boer is dat vaak niet meer dan een stukje land, de regen en je eigen handen. Toch geeft God genoeg aan wie trouw is met wat hij heeft gekregen. FfF leidt een manier van werken af van hoe de natuur, Gods schepping, werkt:

  • In de natuur wordt niet diep geploegd
  • Er ligt een laag van bladeren en plantresten op de bodem; deze noemen we ‘Gods deken’

Door goed te zorgen voor de bodem en voor Gods deken en deze te beschermen, werkt het hele systeem zoals God dat heeft ontworpen. De deken beschermt de bodem tegen erosie door harde regenval en uitdroging door zon. De kleine organismen in de grond, beestjes, bacteriën en schimmels, worden niet gedood, maar gaan aan het werk om voedsel voor de planten te produceren. De grond is in staat om voldoende water vast te houden, planten zijn beter bestand tegen ongedierte en ziektes, en onkruid krijgt minder kans.

 

 

Managementprincipes

Om deze werkwijze op een goede manier in de praktijk te brengen, zijn er vier eenvoudige managementprincipes geformuleerd.

On time (op tijd)

We beginnen op tijd met de voorbereidingen zodat we klaar zijn als de regens komen en we kunnen zaaien. Op deze manier gaan we verantwoordelijk om met de tijd die God ons geeft. Goed plannen, goed voorbereiden en op tijd beginnen met het werk, zodat het veld klaar ligt om te zaaien zodra de regens komen en de planten optimaal kunnen profiteren van het groeiseizoen.

At standard (volgens hoge standaard)

We werken op een kwalitatief hoog nivo en hebben standaard waarden zodat het voor mensen duidelijk is wat we doen. We zaaien maïs in plantgaten die 60 cm uit elkaar liggen en er is 75 cm tussen de rijen. Zo brengen we orde en structuur aan in de velden. Hiermee geven we eer aan God en zorgen we ervoor dat elke plant gelijke, optimale omstandigheden heeft.

Without wastage (zonder verspilling)

We gebruiken alles wat God ons geeft in de natuur en gaan zo zorgvuldig om met de voorzieningen die God ons heeft gegeven. Zo bedekken we de grond met de restmaterialen van de planten; voorkomen zo uitdroging en verrijken de grond. We maken compost en gebruiken mest in de plantgaten zodat de grond verrijkt wordt en het bodemleven gestimuleerd wordt. We verbranden geen restmateriaal en verspillen geen energie door te ploegen.

With joy (met plezier)

We werken met plezier omdat we werken in Gods mooie schepping. Ook weten we dat God voor ons zorgt en ons ziet. We zijn ons bewust van de liefde van God voor ons die het meest zichtbaar wordt in wat Jezus voor ons heeft gedaan. We verdoen onze tijd niet met zelfmedelijden, jaloezie, klagen of verwijten, maar weten dat God trouw is en mogen hoop hebben op een goede oogst.